B.3.1 MBO-STUDENTENPOPULATIE: LICHTE DALING
Het totaal aantal (ongewogen) mbo-leerlingen is gedaald van 3.124 naar 3.048. Het totaal aantal BOL-studenten (studenten die een beroepsopleidende leerweg volgen) is licht gedaald, waarbij het opvalt dat het aantal BOL-studenten op niveau 2 iets is toegenomen. Het aantal BBL-studenten (studenten die een beroepsbegeleidende leerweg volgen) is gedaald van 700 naar 654. De verwachtingen voor wat betreft de komende jaren zijn onzeker.
Ontwikkeling totaal aantal MBO studenten
| 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
|---|---|---|---|---|---|
| BOL | 2528 | 2384 | 2405 | 2424 | 2394 |
| BBL | 634 | 543 | 661 | 700 | 654 |
| Totaal | 3162 | 2927 | 3066 | 3124 | 3048 |
| BOL 2 | BOL 3 | BOL 4 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 448 | 820 | 1260 | 2528 |
| 2017 | 421 | 771 | 1192 | 2384 |
| 2018 | 461 | 679 | 1265 | 2405 |
| 2019 | 417 | 645 | 1353 | 2415 |
| 2020 | 429 | 622 | 1339 | 2390 |
Aantal BOL-studenten naar opleiding 2020-2021
De verdeling van het aantal BOL-studenten over de verschillende opleidingen is vrijwel gelijk gebleven.
| Bloem & Styling | 4% |
|---|---|
| Bos- & natuurbeheer | 0,02088554720133667 |
| Dierenartsassistent | 0,1729323308270677 |
| Dierverzorging | 0,2276524644945697 |
| Entree | 0,001670843776106934 |
| GGI | 0,08145363408521303 |
| Groen (tuin & landschap) | 0,06850459482038429 |
| Groene handel & management | 0,04720133667502088 |
| Paardenhouderij | 0,05555555555555555 |
| Plantenteelt | 0,01545530492898914 |
| Sportvisserij & Waterbeheer | 0,02213868003341687 |
| Veehouderij | 0,1595655806182122 |
| Voeding en technologie | 0,03592314118629908 |
| Wildlife | 0,05304928989139515 |
B.3.2. ONDERWIJSKWALITEIT OP ORDE
Tevredenheid studenten
In 2020 is de tevredenheid van studenten - gemeten met behulp van de JOB-monitor - licht gedaald. In de onderstaande tabel staan de resultaten. Zone.college scoort over het geheel genomen op bijna alle aspecten op of rond het landelijke gemiddelde.
Resultaten Job monitor 2020
| Tevredenheid studenten Zone.college | Tevredenheid studenten landelijk | |
|---|---|---|
| Omgeving, sfeer en veiligheid | 3,6 | 3,6 |
| Informatie | 3 | 3 |
| Studeren met een beperking | 2,9 | 3 |
| Onderwijs en begeleiding | 3,4 | 3,3 |
| Medezeggenschap | 2,2 | 2,3 |
| Lesmateriaal en toetsen | 3,2 | 3,1 |
| Lessen | 3,2 | 3,3 |
| Stage (bol) leerbedrijf | 4,1 | 3,8 |
| Stage (bol) school | 3,1 | 3,1 |
| Werkplek (bbl) werkplek | 4,2 | 4 |
| Werkplek (bbl) school | 3,5 | 3,4 |
| Rapportcijfer school | 6,5 | 6,5 |
| Rapportcijfer opleiding | 6,8 | 6,7 |
Op de aspecten 'Stage (BOL) leerbedrijf' en 'Werkplek' (BBL) waarderen onze studenten Zone.college significant beter dan het landelijk gemiddelde. Op de aspecten ‘Medezeggenschap’ en ‘Studeren met een beperking’ scoorden we op veel van onze opleidingen net onder het landelijk gemiddelde. Beide aspecten hebben onze speciale aandacht.
De medezeggenschap is in ontwikkeling. We hebben veel aandacht voor studenten met een beperking. Daarbij gaan we het gesprek over het vinden van betaald werk niet uit de weg en dat is veelal niet eenvoudig.
De scores op alle aspecten zijn uitgediept per opleiding. Elke opleiding neemt deze resultaten mee in haar verdere ontwikkeling.
Oordeel inspectie
In het vierjaarlijkse instellingsonderzoek uit 2019 zijn vijf aspecten als onvoldoende beoordeeld. In 2020 heeft de Inspectie van het Onderwijs een herstelonderzoek uitgevoerd naar deze vijf aspecten. Daaruit bleek dat Zone.college op drie ervan nu een voldoende scoort:
- De kwaliteitsborging, examinering en diplomering bij de opleiding Bloem en detailhandel zijn nu op orde;
- De registratie van ongeoorloofd verzuim bij de opleiding Veehouderij in Doetinchem is op orde. Hetzelfde geldt voor de examinering;
- De kwaliteitszorg bij de opleiding Bloem in Almelo is voldoende.
Op de volgende twee aspecten heeft de vooruitgang nog niet geleid tot de beoordeling voldoende:
- De opleiding Dier in Twello scoort een onvoldoende op kwaliteitszorg, verantwoording en dialoog;
- De opleiding Veehouderij in Doetinchem is op de aspecten kwaliteitszorg en kwaliteitscultuur met een onvoldoende beoordeeld.
B.3.3 KWALITEITSAGENDA
Inleiding
In het Bestuursakkoord 2018-2022 heeft de minister van OCW mbo-instellingen gevraagd een Kwaliteitsagenda op te stellen. Het doel van de Kwaliteitsagenda is verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. Hierbij moet het regionale werkveld worden betrokken. Ook moeten de onderwijsinstellingen invulling geven aan de landelijk gestelde speerpunten ter verbetering van de kwaliteit van het onderwijs.
In 2018 en 2019 hebben we gewerkt aan de Kwaliteitsagenda. In augustus 2018 is Zone.college ontstaan uit een fusie tussen de Groene Welle en AOC-Oost. De Kwaliteitsagenda gaf een impuls aan het meerjarenplan voor ons mbo. In 2019 keurde de Commissie Kwaliteitsafspraken MBO onze Kwaliteitsagenda goed. In 2020 hebben we op alle fronten gewerkt aan de uitvoering ervan. In deze paragraaf lichten we de voortgang op hoofdlijnen toe. Daarbij staan we ook stil bij de resultaten op de landelijke indicatoren die voor elk speerpunt zijn vastgesteld. Bijlage 10 bevat een gedetailleerd verslag.
Drie pijlers, 21 maatregelen
Aan onze Kwaliteitsagenda liggen drie pijlers ten grondslag:
- Co-creatie met partnerbedrijven
- Lokaalloos of praktijk-rijk leren
- Zelforganiserende onderwijsteams
Bij het opstellen van de Kwaliteitsagenda hebben de werkvelden 21 maatregelen geformuleerd, in samenspraak met studenten, bedrijven, docenten en partnerorganisaties. Alle maatregelen hebben in meer of mindere mate impact op de landelijke speerpunten:
- Jongeren in kwetsbare posities
- Gelijke kansen
- Opleiden voor de arbeidsmarkt van de toekomst
- Doelmatige en duurzame organisatie van groene opleidingen
Voortgang implementatie
We zijn tevreden over de voortgang van de implementatie van de Kwaliteitsagenda. Van vijftien maatregelen ligt de uitvoering voor of op schema. Zes maatregelen lopen om verklaarbare en goede redenen achter op schema. Bijlage 10 geeft per maatregel een gedetailleerd overzicht van de stand van zaken en verwachting in relatie tot de doelstelling. Als de maatregel achterloopt wordt ook dat toegelicht in bijlage 10.
De onderstaande tabel schetst de voortgang van de implementatie van elke maatregel op hoofdlijnen.
| Nr. | Werkveld | Maatregel | Voortgang ligt voor op schema | Voortgang ligt op schema | Voortgang ligt achter op schema |
|---|---|---|---|---|---|
| 1 | Bloem | Opleiding herinrichten met een specifieke hotspot | x | ||
| 2 | Dierverzorging | N4 Dierverzorging naar een hoger plan brengen | x | ||
| 3 | Dierverzorging | Praktijklocaties uitbreiden | x | ||
| 4 | Dierverzorging | Aanbod softskills versterken | x | ||
| 5 | Groen | Uitbreiden entree- en N2- opleiding | x | ||
| 6 | Groen | Bijscholen Waterschappen | x | ||
| 7 | Groen | Hotspot groen creëren | x | ||
| 8 | Groen | Opzetten Urban Green | x | ||
| 9 | GGI | Herbezinning opleidingslocaties | x | ||
| 10 | GGI | Opleidingsprogramma vernieuwen | x | ||
| 11 | GGI | Bij- en nascholingsprogramma | x | ||
| 12 | Paard | Bij- en nascholingsprogramma | x | ||
| 13 | Paard | Maatwerk | x | ||
| 14 | Paraveterinair | Internationalisering | x | ||
| 15 | Paraveterinair | Honoursprogramma | x | ||
| 16 | Teelt | Vernieuwing aanbod | x | ||
| 17 | Veehouderij | Leren in de praktijk | x | ||
| 18 | Veehouderij | Praktijklocaties en docenten | x | ||
| 19 | Voeding | Praktijklocatie | x | ||
| 20 | Voeding | N4 Voeding & voorlichting ontwikkelen | x | ||
| 21 | Organisatie breed | Professionalisering docenten | x |
Speerpunt Jongeren in kwetsbare posities
Elf van onze maatregelen (de maatregelen 1, 3, 4, 5, 6, 8, 13, 16, 17, 19 en 21 in bovenstaande tabel) hebben enige impact op jongeren in kwetsbare posities. De uitvoering van negen van deze maatregelen ligt voor of op schema.
Maatregel 6 ligt achter op schema vanwege de herbezinning van de betrokken partijen over het vervolg. Aanleiding is de terugtrekking van het CIV Water uit deze samenwerking.
Maatregel 16 ligt achter op schema omdat het onderwijsteam Teelt klein (vier medewerkers) en daarmee kwetsbaar is. Versterking van het team nam veel tijd in beslag, omdat de arbeidsmarkt voor docenten voor de opleiding ‘Teelt’ krap is. Het onderwijsteam Teelt is hierdoor lang onderbezet geweest en heeft nauwelijks kunnen werken aan vernieuwing van het aanbod. Sinds schooljaar 2020-2021 is het team weer op sterkte en zetten de teamleden zich in voor het ontwerpen van een vernieuwd onderwijsaanbod.
Indicator voortijdig schoolverlaters 2019-2020 (Bron: onderwijscijfers.nl)
| Niveau | Nulmeting | Resultaat | Landelijke norm |
|---|---|---|---|
| N1 | 10,00% | 23,33% | 27,50% |
| N2 | 6,80% | 5,18% | 9,50% |
| N3 | 2,35% | 3,07% | 3,60% |
| N4 | 1,90% | 1,72% | 2,75% |
We voldoen aan de landelijke normen. Het resultaat voor de opleiding N1 is gestegen van 10% naar 23,3 %, maar zit nog onder de norm. Het cijfer is gebaseerd op kleine aantallen, waardoor weinig studenten een groot verschil in percentage betekenen. We blijven de VSV uiteraard monitoren.
Indicator arbeidsmarktrendement N2-opleidingen 2018-2019 (Bron: DUO kwaliteitsafspraken 2021)
| Werkveld | Nulmeting | Resultaat | Signaalwaarde |
|---|---|---|---|
| Agro | >70% | 88,00% | 70,00% |
| Groen | >70% | 73,00% | 70,00% |
| Bloem | 70,00% | ||
| Voeding | 63,00% | 70,00% | |
| Dier | 60,00% | 61,00% | 70,00% |
Ons arbeidsmarktrendement is niet gedaald. De resultaten zijn gebaseerd op cijfers uit het schooljaar 2019-2020. De impact van de Kwaliteitsagenda op deze indicator is later meetbaar. De opleiding Dier scoort onder de norm. Door softskills binnen deze opleiding een belangrijkere plek te geven (maatregel 4), verwachten we in de komende jaren een stijging van ons resultaat.
Speerpunt gelijke kansen
Twaalf van onze maatregelen (de maatregelen 1, 2, 3, 4, 5, 9, 13, 14, 15, 16, 17 en 20 in bovenstaande tabel) hebben enige impact op gelijke kansen. De uitvoering van negen van deze maatregelen ligt voor of op schema. Dat geldt niet voor de maatregelen 2, 14 en 16.
Maatregel 2 heeft vertraging opgelopen, omdat de accreditatie van de Associate Degree (Dierverzorging N4 betere doorstroom) meer tijd vergde dan verwacht.
Bij maatregel 14 (internationalisering Paraveterinair) zorgt COVID-19 voor vertraging.
Maatregel 16 (vernieuwing aanbod Teelt) liep vertraging op door onderbezetting van het team, zoals reeds vermeld in de voorgaande paragraaf.
Indicator startersresultaat 2020 (Bron: Duo kwaliteitsafspraken 2021)
| Niveau | Nulmeting | Resultaat | Norm |
|---|---|---|---|
| N2 | 85% | 87% | 79% |
| N3 | 86% | 83% | 82% |
| N4 | 87% | 82% | 52% |
Het resultaat N2 is gestegen, terwijl de resultaten N3 en N4 licht zijn gedaald. De ontwikkeling van het startersresultaat geeft geen verontrustend beeld. Onze startersresultaten zitten boven de landelijke norm. We blijven ze monitoren.
Indicator kwalificatiewinst 2020 (Bron: Duo kwaliteitsafspraken 2021)
| Niveau | Nulmeting | Resultaat |
|---|---|---|
| E | 53% | 64% |
| N2 | 36% | 45% |
De kwalificatiewinst voor N2 is licht gedaald, terwijl die van N3 is gestegen. We blijven de ontwikkeling volgen om te kunnen vaststellen of de daling van N2 een incident is of een trend.
Indicator opstroom na diploma 2019 (Bron: Duo kwaliteitsafspraken 2021)
| Jaar | Aantal |
|---|---|
| 2013 | 108 |
| 2014 | 102 |
| 2015 | 116 |
| 2018 | 116 |
De opstroom N4 is licht gedaald, terwijl de opstroom van E, N2 en N3 is gestegen. De ontwikkeling van de opstroom geeft geen verontrustend beeld, want onze resultaten scoren rond de landelijke norm. De cijfers zijn gebaseerd op het schooljaar 2018-2019. De impact van de Kwaliteitsagenda op deze indicator is later meetbaar. We blijven de ontwikkeling volgen.
Indicator doorstroom naar mbo/hbo 2018 (Bron: Duo kwaliteitsafspraken 2021)
| Nulmeting | Resultaat |
|---|---|
| 81% | 82% |
De doorstroomcijfers geven een te globaal beeld om conclusies aan te verbinden. Binnen de werkvelden Dier en Paraveterinair heeft doorstroom onze speciale aandacht, omdat de kansen op werk in deze sectoren beperkt zijn. De maatregelen uit de Kwaliteitsagenda die daarmee verband houden zijn:
- Maatregel 2: Dierverzorging, aanbod N4 naar een hoger plan brengen;
- Maatregel 15: Paraveterinair, honoursprogramma.
Zie voor een toelichting de voorgaande alinea (Doorstroom naar mbo/hbo)
Opleiden voor de arbeidsmarkt van de toekomst
Vijftien van onze maatregelen (de maatregelen 1, 3, 4, 6, 7, 10, 11, 12, 14, 16, 17, 18, 19, 20 en 21 in bovenstaande tabel) hebben enige impact op het landelijke speerpunt ‘Opleiden voor de arbeidsmarkt van de toekomst’. De uitvoering van tien van deze maatregelen ligt voor of op schema. Van de maatregelen 6, 11, 12, 14 en 16 ligt de uitvoering achter op schema. In paragraaf 4 wordt toegelicht waarom maatregelen 6 en 16 achterlopen op schema. In paragraaf 5 wordt toegelicht om welke reden maatregel 14 achterligt op schema.
Bij maatregel 11 (GGI, bij- en nascholing) komt dit, doordat het opzetten en uitvoeren van een bij- en nascholingsprogramma binnen het werkveld GGI minder eenvoudig blijkt dan we hebben aangenomen.
De uitvoering van maatregel 12 (Paard, bij- en nascholing) ligt achter op schema vanwege COVID-19 en een andere prioriteitsstelling voor wat betreft de private markt.
Indicator arbeidsmarktrendement alle niveaus 2018-2019 (Bron: Duo kwaliteitsafspraken 2021)
| Niveau | Nulmeting | Resultaat | Gemiddelde |
|---|---|---|---|
| E | 83% | ||
| N2 | 31% | 27% | 40% |
| N3 | 33% | 37% | 43% |
| N4 | 6% | 8% | 9% |
Voor N3 en N4 geldt dat het rendement iets is afgenomen ten opzichte van de nulmeting, maar niet zorgelijk. Ons arbeidsmarktrendement ligt boven de signaalwaarde. We blijven de ontwikkeling ervan volgen.
Indicator aandeel BBL’ers (Bron: Duo kwaliteitsafspraken 2021)
| Niveau | Nulmeting | Resultaat | Gemiddelde |
|---|---|---|---|
| E | 83% | ||
| N2 | 31% | 27% | 40% |
| N3 | 33% | 37% | 43% |
| N4 | 6% | 8% | 9% |
Het aandeel BBL is vrijwel gelijk gebleven en onder de norm. Het aandeel wordt vooral bepaald door de conjunctuur.
Doelmatig en duurzame organisatie van groene opleidingen
Zestien van onze maatregelen (de maatregelen 1, 2, 3, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 16, 17, 18, 19 en 21 in bovenstaande tabel) hebben enige impact op het speerpunt ‘Doelmatige en duurzame organisatie van groene opleidingen’. De uitvoering van elf van deze maatregelen ligt voor of op schema. Van de maatregelen 2, 6, 11, 12 en 16 loopt de uitvoering achter. Een toelichting daarop is te vinden in de voorgaande paragrafen: maatregelen 2 en 14 in paragraaf 5, maatregelen 11 en 12 in paragraaf 6 en maatregelen 6 en 16 in paragraaf 4.
Feedback van studenten
Over het geheel genomen scoren we op bijna alle aspecten op of rond het landelijk gemiddelde, zie paragraaf B.3.2. Significant beter scoren we op de aspecten ‘Stage (BOL) leerbedrijf’ en ‘Werkplek (BBL)’. Voor ons is dit een signaal dat studenten ons speerpunt ‘Praktijk-rijk leren’ waarderen.
In onderwijsteams gebeurt het. Daar vindt de implementatie van de Kwaliteitsagenda plaats. De onderwijsteams beschouwen de resultaten van de JOB-monitor als input voor deze implementatie. Behalve via de JOB-monitor vragen onderwijsteams ook op andere manieren feedback aan studenten, zoals via:
- Studentarena's. Bij deze methode vragen we studenten, per onderwijsperiode, hoe zij de (door henzelf voorgestelde) onderwijsverbeteringen ervaren. Twee afgevaardigden per klas delen de feedback die ze tijdens de arena uit de klas hebben opgehaald. Studenten uit verschillende jaargangen gaan hierover met elkaar in gesprek. Het onderwijsteam is hierbij slechts toehoorder en neemt de feedback mee.
- Feed Me app. Met deze app halen docenten anoniem feedback op bij studenten over het lesgeven. Dit levert input voor onder andere lesontwerpen binnen het onderwijsteam.
- Retrospective. Wat mag weg, wat mag minder, wat mag meer, waarmee starten en wat moet blijven? Studenten geven feedback over hoe zij de gang van zaken binnen het onderwijsteam ervaren. Van loopbaangesprekken tot communicatie en van lessen tot stagebezoeken.
Betrokkenheid bedrijfsleven
Het aantal bedrijven dat met ons wil samenwerken neemt toe. Inmiddels zijn het er ongeveer zeventig. Met hen sluiten we samenwerkingsovereenkomsten die gaan over het gebruik van bedrijfslocaties en de inzet van vakmensen uit de praktijk in ons onderwijs. De toename is voor ons een signaal dat bedrijven onze koers omarmen.
In alle werkvelden is het bedrijfsleven betrokken bij de uitvoering van de Kwaliteitsagenda. De omvang en intensiteit van die betrokkenheid verschilt en hangt samen met de aard van het werkveld. Het gaat om tientallen bedrijven, zoals melkvee- en varkenshouders, loonwerkbedrijven, dierentuinen, hoveniers, bloemisten, dierenartspraktijken, enzovoort. Verder werken we nauw samen met brancheorganisaties zoals de Koninklijke Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG), Cumela en Vereniging Bloemist Winkeliers (VBW).
Vertrouwen in het vervolg
In het licht van de omstandigheden (met name COVID-19 en de fusie) is het CvB tevreden over de voorgang van de implementatie. Dat is met name te danken aan de manier waarop de medewerkers in het mbo en daarmee de onderwijsteams zich ontwikkelen. De pijlers uit de Kwaliteitsagenda hebben een fundamentele impact op de verwachtingen die we van docenten hebben. Docenten geven niet meer alleen les, maar zijn ook coach van studenten en organisator en ontwikkelaar van onderwijs. Ze werken samen met vakmensen uit het bedrijfsleven en zijn medeverantwoordelijk voor de implementatie van de Kwaliteitsagenda. Bij heel veel teams gaat dat naar tevredenheid of boven verwachting. Er zijn ook teams waarbij de ontwikkeling achterblijft; bij die teams investeren we blijvend fors in begeleiding, opleiding en training. Het CvB heeft er dan ook alle vertrouwen in dat we de gestelde doelen voor 2023 in voldoende mate behalen.
B.3.4 MAXIMERING AANTAL STUDENTEN
Sinds 1 augustus 2017 is voor het mbo de Toelatingswet van kracht. Deze wet stelt voorwaarden aan de aanmelding en toelating van toekomstige studenten. Eén van deze voorwaarden betreft het handelen van de school als er voor een opleiding sprake is van een gelimiteerd aantal opleidingsplaatsen. Binnen Zone.college geldt dat voor de opleidingen Dierenartsassistent Paraveterinair en Wildlife. Op basis van de evaluatie van de aanmeldprocedure van vorig jaar en de ervaringen met intake en plaatsing, hebben we de procedure aangepast en gecommuniceerd naar onze voorlichters en decanen. Daarnaast hebben we de toeleverende scholen geïnformeerd en vermelden we de instroombeperking op onze website www.zone.college.
Wildlife
In de opleiding Wildlife (in Zwolle) kunnen maximaal vijftig studenten instromen. Plaatsing geschiedt op volgorde van aanmelding.
Dierenartsassistent Paraveterinair
Aan de opleiding Dierenartsassistent Paraveterinair (in Almelo, Deventer, Doetinchem, Hardenberg en Zwolle) zijn maximaal dertig plekken beschikbaar. Ook hier geschiedt plaatsing op volgorde van aanmelding.
Procedure
De procedure voor intake en plaatsing voor de opleidingen Dierenartsassistent Paraveterinair en Wildlife is als volgt:
- Plaatsing in de opleiding geschiedt op volgorde van aanmelding;
- Aanmeldingen na 1 april voegen we in volgorde van aanmelding aan de plaatsingslijst toe;
- De aangemelde studenten doorlopen de toelatingsprocedure direct na 1 april. Zo komt snel vast te staan of de aanmelding ook tot plaatsing kan leiden. Als dit niet het geval is, kan de plaats worden ingevuld door de volgende op de plaatsingslijst;
- We hanteren geen aanvullende of verscherpte criteria, zoals bijvoorbeeld op behaalde resultaten in de vooropleiding.
Studenten die niet worden toegelaten tot de intakeprocedure, komen op een wachtlijst. Zij ontvangen hierover binnen enkele weken informatie, met de opmerking dat het verstandig is om ook voor een andere opleiding aan te melden. Aan studenten die zich hebben aangemeld voor de opleiding Dierenartsassistent Paraveterinair bieden we de mogelijkheid om de opleiding op een andere locatie te volgen of om een andere (verwante) opleiding te volgen. Uiteraard doen we dat alleen als daar nog opleidingsplaatsen beschikbaar zijn.
B.3.5 VAKWEDSTRIJDEN EN SKILLS
Verschillende werkvelden (Bloem, Groen, Paardenhouderij, Paraveterinair, Dierverzorging, Loonwerk, Voeding) organiseren eigen vakwedstrijden en nemen deel aan landelijke Skills-wedstrijden. Al vele jaren doen ook onze mbo-studenten daaraan mee. En niet zonder succes.
Silke Schoenaker volgt de mbo-opleiding Bloem & Natuurlijk ontwerp. Ze mocht als winnaar van de voorrondes van Zone.college in 2020 meedoen aan de landelijke kwalificatiewedstrijd in Velp, waar ze als eerste eindigde. In de landelijke finale in Leeuwarden in maart 2020, vlak voor de lockdown, behaalde zij de zilveren medaille.
Op 3 november 2020 was de Skills-wedstrijd Bloem van Zone.college. Lisanne Potuyt won de wedstrijd. De tweede en derde plek waren voor Jasmijn Klein Oonk en Henniëlle van den Hul.
Giel Bom, student van de opleiding Wildlife in Zwolle, mocht als winnaar van de voorrondewedstrijd Dierverzorging deelnemen aan de Nationale vakwedstrijden bij collega-school Citaverde in Born. Hij eindigde daar als zesde en vond het een geweldige ervaring.
Olaf Wassens en Robert van Rhee, studenten van de opleiding Tuin & landschap, mochten Zone.college vertegenwoordigen tijdens de regionale wedstrijden op de Groene Sector Vakbeurs in Hardenberg. Ze wonnen deze wedstrijd en zijn uiteindelijk als tweede geëindigd tijdens de landelijke Skills-finale in februari 2020 in Den Bosch.
Bij het Nederlands Kampioenschap tuinaanleg in Den Bosch was er brons voor Dennis Eerdman en Ryan van den Bos. Zij mochten vervolgens meedoen aan de internationale demonstratiewedstrijd tijdens Skills The Finals in Leeuwarden en hebben deze wedstrijd gewonnen.
De voorrondewedstrijd Tuinaanleg van Zone.college in november 2020 was dit keer in Zwolle. Studenten Niels Kappert en Kevin Thomassen van locatie Doetinchem zijn de winnaars geworden van deze wedstrijd. De zilveren medailles gingen naar Julian Hamburg en Jonathan Kievit. Ze hadden een halve punt meer dan Robin Besselink en Teun Wibbelink, die met de bronzen medailles naar huis gingen.
Tijdens de open dag op 31 januari 2020 vond de wedstrijd Paardenhouderij van Zone.college plaats in Enschede. Winnares van de dressuurwedstrijd was Plien Schutten met haar paard Fabrice. De eerste prijs in het onderdeel springen ging naar Lot van der Veen en haar paard Gunshot. Het team “De Hennies”, bestaande uit Anouk Walmink, Gijs Haanschoten, Fleur Leijssenaar, Anouk Hendriks, Maartje Hilgenkamp en Laura van ‘t Oever was het beste team.
De wedstrijd Voeding was in oktober 2020. Suze Visser en Nori Marcelis gingen er met de winst vandoor.
David Maris is door Zone.college geselecteerd om mee te doen met de skills-wedstrijd Ondernemer retail.
David is ook de eerste student van Zone.college die meedoet met het Keuzedeel K0877. Alle tijd die hij in de voorbereiding stopt, kan hij verzilveren met dit Keuzedeel Voorbereiden op beroepenwedstrijden.
Zone.college organiseerde in 2020 ook wedstrijden voor het vmbo. De wedstrijd Tuinaanleg op 1 december is gewonnen door Kevin Buil uit Haaksbergen en Tom Brunsveld uit Barchem. Zij mochten de beker en de gouden medailles in ontvangst nemen. De tweede plaats was voor Tom Scholten en Jorn Bunte, de derde plaats voor Sepp Holtslag en Bas Eerdman.
De wedstrijden Cultuurtechnisch Loonwerk en Dierenartsassistent Paraveterinair konden in 2020 niet doorgaan door de coronacrisis. Ook twee geplande wedstrijden van Paardenhouderij konden niet doorgaan.
Deelname aan de wedstrijd Internationaal ondernemen was vanwege ziekte niet mogelijk.
B.3.6 PASSEND ONDERWIJS MBO
Visie op passend onderwijs
Vanuit onze kernwaarden vinden wij dat iedere student de kans en mogelijkheid moet krijgen om ambities te kunnen waarmaken. Ongeacht eventuele problematiek en met uitzicht op een realistisch toekomstperspectief.
Studenten schrijven zich in om een opleiding te volgen en uiteindelijk een diploma te behalen. Bij binnenkomst schatten we in welke ondersteuning de student nodig heeft.
Organisatie van passend onderwijs
Het onderwijsteam, dat bestaat uit docenten en coaches, zorgt zoveel mogelijk zelf voor begeleiding (eerste lijn). Om docenten daarin te ondersteunen en te adviseren, zetten we interne experts in (tweede lijn). Hiervoor ontwikkelen we professionaliseringstrajecten voor docenten.
Inschakelen van externe hulp (derde lijn) gebeurt in overleg met het ondersteuningsteam.
Voor de ondersteuning in tweede en derde lijn moet de coach een schriftelijk verzoek indienen bij het ondersteuningsteam van de locatie. Dit team bepaalt welke ondersteuning kan worden geboden.
Vanaf maart 2020 heeft COVID-19 gezorgd voor ingrijpende wijzigingen en aanpassingen in de werkwijze met betrekking tot de ondersteuning van studenten. Dankzij de flexibiliteit en creativiteit van docenten en studenten heeft het afstandsleren bij een deel van de studenten gezorgd voor mooie resultaten. Tegelijk ondervinden met name jongeren in kwetsbare posities meer moeite met deze onderwijsvorm. We constateren daarbij een gebrek aan zelfstandigheid en motivatie en meer problemen met het psychisch welbevinden. Daardoor wordt vaker een beroep gedaan op begeleiding en ondersteuning van studenten.
Inrichting van de ondersteuning
Onze basisondersteuning is verankerd in het primaire proces. Denk bijvoorbeeld aan toets- en examenfaciliteiten, een (sociaal-) veilig schoolklimaat, een rouwprotocol en een studentenservicepunt.
Extra ondersteuning bieden we onder regie van het ondersteuningsteam. Denk daarbij aan de inzet van een schoolpsycholoog, schoolmaatschappelijk werker, jeugdarts, plusklasbegeleider en trajectbegeleider.
Ook zijn maatwerktrajecten mogelijk, zoals een sociale vaardighedentraining en/of weerbaarheidstraining of een traject van school naar werk.
Voor elke student die in beeld is bij het ondersteuningsteam maken we een plan van aanpak. Dit plan leggen we vast in het leerlingvolgsysteem. We werken daarbij met de PDCA-cyclus.
Omvang ondersteuning
Onze onderwijslocaties kenden verschillende vormen en arrangementen van (extra-) ondersteuning. Tijdens het fusieproces van Groene Welle en AOC Oost hebben we hard gewerkt aan een locatie-overstijgende afstemming van die ondersteuning. Dat heeft opgeleverd dat elke locatie nu ongeveer dezelfde werkwijze hanteert. Gemiddeld is ruwweg 15% van de studenten op enigerlei wijze in beeld bij het ondersteuningsteam. Sinds COVID-19 is dat ongeveer 18%. De inzet varieert daarbij van een gesprekscyclus tot structurele extra ondersteuning, meermalen per week.
Financiële verantwoording
De financiële input voor de extra ondersteuning verschilt behoorlijk per locatie en per regio. In een aantal gevallen zorgen betrokken samenwerkende gemeenten voor een gedeeltelijke financiering van de inzet van trajectbegeleiders, jeugdartsen en schoolmaatschappelijk werkers. Ook de beschikbare vsv-gelden (voortijdig schoolverlaten) verschillen per regio. De passendonderwijsgelden zijn versleuteld in de lumpsum en daardoor niet geheel transparant.
B.3.7 KWALIFICATIESTRUCTUUR, EXAMENPRODUCTEN, KEUZEDELEN EN ONDERWIJSTIJD
Implementatie kwalificatiestructuur
Per 2016-2017 is gestart met de implementatie van de herziene kwalificatiestructuur. In de opbouw van ons onderwijsprogramma bieden we voor niveau 2, 3 en 4 vanaf leerjaar twee de mogelijkheid van keuzedelen.
De lessen hiervoor zijn in november 2017 begonnen.
Examenproducten
De examenproducten die we in 2020 hebben ingezet voor het examineren van het beroepsspecifieke deel van de mbo-opleidingen, kochten we in bij de Groene Norm. Voor het examineren van de generieke taal- en rekeneisen kochten we examens in bij ICE. In enkele uitzonderingsgevallen examineerden we met examens die we binnen Zone.college hebben ontwikkeld. Het ging daarbij om examens voor kandidaten in de Beroepsgerichte Kwalificatie Structuur (BKS) en om examens voor de keuzedelen. De (overgangsperiode voor de) valideringsroute voor het ontwikkelen van examens volgens de collectieve afspraken in de Nederlandse Raad voor Training en Opleiding (NRTO) is op deze examens nog niet van toepassing. De examenprogramma’s en (ingekochte) producten zijn vastgesteld conform de richtlijnen in de procedure ‘Construeren en vaststellen examenprogramma’. Zie verder het examenverslag in bijlage 7.
Aanbodverplichting keuzedelen
Wij hebben er voor gekozen om niet af te wijken van de keuzedeelverplichting ten behoeve van persoonlijk, cultureel of levensbeschouwelijk onderwijs. In schooljaar 2019-2020 zijn er bij de examencommissie 31 verzoeken ingediend voor niet-gekoppelde keuzedelen. Hiervan zijn 19 verzoeken gehonoreerd en 12 afgewezen. In één geval was de reden hiervoor dat het keuzedeel overlapte met de kwalificatie van de student. In de overige 11 gevallen is het verzoek afgewezen om organisatorische redenen. Uit het totale aanbod van 77 keuzedelen zijn 8 keuzedelen niet gerealiseerd. Voor deze keuzedelen was te weinig belangstelling om ze doelmatig te kunnen organiseren.
Opleidingsaanbod en arbeidsmarktperspectief
Vanuit arbeidsmarktperspectief is het opleidingsaanbod in 2020 niet gewijzigd.
Afwijking wettelijke onderwijstijd
In 2015 gold al een verkorting van de wettelijke onderwijstijd voor de niveau-2-opleidingen van Veehouderij en Loonwerk. In 2016 heeft het college van bestuur besloten deze verkorting van onderwijstijd ook door te voeren voor onze overige opleidingen op niveau 2. Dit besluit is tot stand gekomen met input en ondersteuning vanuit de studentenraad, de betreffende sectorraden en het management van de opleidingen. In 2020 hebben we de onderwijstijdverkorting opnieuw vastgesteld en opgenomen in de opleidingsplannen voor onze opleidingen op niveau 2.
Reguliere onderwijstijd krijgt meestal vorm in theorie en gesimuleerde werksituaties. Studenten van opleidingen op niveau 2 zullen na hun diplomering vooral uitvoerende werkzaamheden verrichten. Deze studenten hebben dan ook veel baat bij leren in authentieke praktijksituaties, waar zij zich een veelheid aan praktische handelingen eigen kunnen maken. Met deze invulling draagt verkorting van de onderwijstijd voor deze groep studenten bij aan de kwaliteit van de opleiding.